header image
Home arrow NieuwsArchief arrow Nieuws 2006 arrow Minder regels in Arbeidstijdenwet
Minder regels in Arbeidstijdenwet
SZW persbericht, 21 april 2006

Wetsvoorstel arbeidstijdenwet naar de Tweede Kamer.

Er gaan minder regels gelden voor het maximale aantal uren dat iemand mag werken en voor nachtarbeid. Verder verdwijnen de aparte regels voor overwerk uit de wet en worden afspraken over pauzes een zaak van werkgevers en werknemers. Deze voorstellen staan in het Wetsvoorstel vereenvoudiging arbeidstijdenwet van minister De Geus van Sociale Zaken en Werkgelegenheid dat in de Tweede Kamer is ingediend.



Het wetsvoorstel is deel van het kabinetsbeleid om het aantal regels terug te brengen. Door minder en eenvoudiger regels wordt de internationale concurrentiepositie van Nederland beter. Zeker voor industriële bedrijven, die vaak met ploegendiensten werken, zijn soepeler regels voor arbeidstijden belangrijk om met het buitenland te kunnen concurreren. Daarom beperkt de nieuwe wet zich zoveel mogelijk tot regels die nodig zijn voor de bescherming van de veiligheid, gezondheid en welzijn van de werknemer.

In de nieuwe Arbeidstijdenwet staan nog maar vier regels over de maximum arbeidstijd. De huidige wet kent nog twaalf verschillende regels. Zo schrijft de nieuwe Arbeidstijdenwet een maximum arbeidstijd voor van 12 uur per dienst en 60 uur per week. In een periode van 4 weken mag een werknemer onder de nieuwe wet gemiddeld maximaal 55 uur per week werken en per 16 weken gemiddeld 48 uur. Door deze versoepelingen krijgen werkgevers en werknemers meer ruimte de arbeidstijd per dag en per week zelf nader in te vullen.

Ook biedt de nieuwe wet werkgevers en werknemers de vrijheid zelf afspraken te maken over de praktische details van pauzes, zoals aantal en tijdstip(pen). Wel blijft in de wet bepaald dat bij diensten van 5,5 uur of langer er een pauze moet zijn. In het wetsvoorstel blijven de regels ongewijzigd die bepalen wanneer er op zondag gewerkt mag worden.

Verder komt er meer ruimte bij nachtarbeid. Wel blijft de wet werknemers extra bescherming bieden: een nachtdienst mag in de regel niet langer zijn dan 10 uur. Voor werknemers die regelmatig nachtdiensten draaien, mag de werkweek over een periode van 16 weken gemiddeld niet meer dan 40 uur bedragen. Na één of meer nachtdiensten geldt een langere rusttijd. Ook het aantal nachtdiensten blijft beperkt: per 16 weken maximaal 36 diensten waarvan zeven nachtdiensten achter elkaar. Bij CAO of na een afspraak van de werkgever met de ondernemingsraad mag dit aantal worden verhoogd tot 140 nachtdiensten per jaar en acht nachtdiensten na elkaar.

Zo'n dubbele norm, waarbij de ruimere norm alleen mag worden toegepast na een collectieve afspraak (in een CAO of tussen werkgever en medezeggenschapsorgaan), is er in de nieuwe wet alleen nog voor het aantal nachtdiensten. Op andere punten kent de nieuwe wet, anders dan nu, nog maar één norm. Dit betekent dat het systeem van standaard- en overlegregeling, dat kenmerkend is voor de huidige Arbeidstijdenwet, zal verdwijnen.

Het wetsvoorstel is tot stand gekomen na raadpleging van de Sociaal-Economische Raad en volgt op hoofdlijnen het unanieme advies van de raad. Het kabinet wil de wet in laten gaan op 1 januari 2007. Voor sectoren die een CAO hebben afgesloten komt er een overgangsregeling. In deze sectoren wordt de nieuwe wet van toepassing op het moment dat die CAO in 2007 afloopt. Uiterlijk op 1 januari 2008 geldt de wet voor alle sectoren.

De volgende Officiële publicatie(s) zijn gerelateerd aan bovenstaande persbericht:
PDF publicatieWetsvoorstel tot wijziging van de Arbeidstijdenwet in verband met vereenvoudiging van die wet en de memorie van toelichting op wetsvoorstel tot wijziging van de Arbeidstijdenwet
PDF publicatieAdvies Raad van State over wetsvoorstel tot wijziging van de Arbeidstijdenwet in verband met vereenvoudiging van die wet
PDF publicatieNader rapport over wetsvoorstel tot wijziging van de Arbeidstijdenwet in verband met vereenvoudiging van die wet
 
Dit persbericht is onderdeel van dossier(s):
Dossier: ArbeidstijdenArbeidstijden
 
< Vorige   Volgende >

Kabinet vraagt advies over hittestress op de werkplek

03 juli 2009
Minister Donner van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft de SER advies gevraagd over hittestress op de werkplek. De minister wil advies over het opnemen van een grenswaarde voor hittestress in Arbowet en -regelgeving.

De Gezondheidsraad concludeerde eerder dat bestaande gezondheidskundige grenswaarden voor hittestress niet hoeven worden aangepast. Het gaat daarbij om grenswaarden in relatie tot fysieke kortetermijneffecten. Wel is het wenselijk om te onderzoeken of er grenswaarden kunnen worden opgesteld die werknemers beschermen tegen effecten van hittestress op het mentale functioneren. De langetermijneffecten, zowel de fysieke als de mentale, zijn nog onvoldoende onderzocht.
Hittestress in het werk is niet alleen een kwestie van een te hoge omgevingstemperatuur, ook zware fysieke inspanning kan een rol spelen. Een hogere inspanning betekent immers dat er meer lichaamswarmte wordt geproduceerd.

Hittestress kan effect hebben op de fysieke gesteldheid en op het mentale functioneren. Een werknemer kan bijvoorbeeld minder alert worden en fouten maken of ongevallen veroorzaken. Wel zijn mensen weerbaarder tegen hittestress als ze bechikken over een goede lichamelijke conditie en gewend zijn aan de hitte.

Bron: Ministerie SZW